Logo  
  | home | authors | calendar colophon | links | newsgroups | newsfeed | new | printer version |  
volume 4
januari 2002

Wie is wie en wat is wat in radioland?

 





  Bespreking van:
  • Dawn Rusling en Paul Rusling (red.) (2001), Who's who in British radio, 2002. Willerby: Broadcast Data (572 pagina's; ISBN 1 900401 04 5).
  • Anita Pospiechil (red.) (2001), WWW-Adressbuch Radio+TV im Internet. Bad Neuenahr-Ahrweiler: Verlag Anita Pospieschil (ongeveer 70 pagina's).
  • Michael Schmitz en Wolf Siebel (2001), Sender & Frequenzen 2002. Meckenheim: Siebel Verlag (496 pagina's; ISBN 3 89632 051 3).
door Hans Knot
Previous
  Ook al is de vrije tijd van de radioliefhebber al genoeg gevuld met het luisteren naar het medium, toch blijft er altijd wel ruimte over voor een boek. Zeker als dat over de radio zelf gaat. Elk jaar verschijnen er tal van uitgaven die voor de liefhebber van belang zijn, waaronder de nodige overzichtswerken. Hans Knot bespreekt er hier drie, die zeker niet mogen ontbreken in de kast van de echte radiokenner.
 
1 Who's who in British radio 2002. Hij had al weken van tevoren aangekondigd dat er een zwaar boekwerk in mijn postbus zou worden gedeponeerd. En hij had daar nog aan toevoegd, dat de betreffende publicatie aanzienlijk lijviger zou zijn dan de eerste editie, die enkele jaren geleden het licht zag. Hij had gelijk, zo zag ik, toen ik het pakket eenmaal in handen had. Het is groot en omvangrijk. We hebben het over de tweede, gewijzigde druk van het overzichtswerk "Who's who in British Radio" van Dawn Rusling, de dochter van Paul Rusling die mij het boek toestuurde en die ook zelf een aandeel in het werk heeft geleverd. De naam van Paul Rusling staat dan ook op de kaft en links in de benedenhoek staat zowaar ook een foto van de man, waarmee wordt aangegeven dat Rusling zelf ook geen onbekende is in het Britse radiowereldje.
2 Rusling staat niet alleen tweemaal op de kaft. De familieverhoudingen komen ook in de inhoud van het boek naar voren. In het door dochterlief samengestelde boek krijgt vader Paul op liefst twee plekken uitgebreide aandacht. Hier had vaders blik op dochters intensieve werk best iets meer onafhankelijk kunnen zijn. Maar, wees gerust, in het boek staat verder nog genoeg andere informatie. Aan de hand van alle namen en omschrijvingen die te vinden zijn in deze liefst 572 pagina's dikke radiobijbel, heb ik uren lang met veel plezier herinneringen opgehaald aan de goede oude tijd, waarin radio nog echte radio was — waarmee ik vooral doel op de jaren zestig, zeventig en tachtig van de vorige eeuw.
3 Het naslagwerk rust op een stevig fundament. De Ruslings hebben een enorm grote database aangelegd van vele duizenden mensen, die ooit binnen de radio-industrie in Groot Brittannië actief zijn geweest of dat nog zijn. En uiteraard, commercieel als Rusling zelf is, krijgt daarbij de periode van de opkomst van de commerciële radio — zoals die door de zeezenders in de begin jaren zestig de geschiedenisboeken werd ingezet — een heel sterk accent. In het boek valt de naam terug te vinden van bijna iedereen die van groot en minder groot belang is geweest bij het populair maken van stations als Radio London, Radio Caroline, Radio 270 (in Paul's eigen voortuin), Radio England, Radio 390, Radio Scotland en Radio City.
4 Daarnaast is niet vergeten om een plaats in te ruimen voor bekende en minder bekende mensen uit de hoek van de BBC, de IRL en Radio Luxembourg. Informatie die anders moet worden opgezocht in verschillende bronnen, wordt hier op een presenteerblaadje aangedragen. In mijn kast komt het boek zeker op de bovenste plank te staan, waar ik het gemakkelijk uit kan trekken om iets na te kijken — en dat zal ik met dit boek ongetwijfeld regelmatig doen. Het staat immers boordevol informatie, al moet daar worden bij gezegd dat niet alle informatie even relevant is.
5 Bij zoveel goeds kunnen ook wel een paar punten van kritiek worden genoemd. Zo staan er naar mijn mening in het boek te veel personen vermeld die, via een zogenaamde one-liner, slechts kort worden voorgesteld. Te kort naar mijn smaak, want je bent de betreffende info eigenlijk al weer vergeten voordat je aan het einde van de zin bent. Ik heb echter het vermoeden dat sommige van die korte vermeldingen opzettelijk in het boek zijn gezet om bepaalde informatie toch maar op die bepaalde pagina te kunnen vermelden. Is het bijvoorbeeld toeval, dat de informatie rond een zeezenderproject op zoek naar fondsen uit de Europese Unie op pagina 259 — eens de Carolinefrequentie — staat? En het moet toch haast opzet zijn dat Charlie Wolfe voorbij komt op pagina 558 — Wolfe begon zijn Europees avontuur immers bij Laser 558.
6 Voordat ik vertel hoe dit toch wel geweldige boek te bestellen is, wil ik een paar missers noemen. Een typefout kan soms flinke gevolgen hebben voor de geschiedenis van de zeezenders. Dat blijkt waar in het boek Robin Ross wordt beschreven. Het is bekend dat Radio Caroline verantwoordelijk is geweest voor de absolute doorbraak van commerciële radio. Bekend is ook dat het station in 1983 haar zogenaamde "relaunch" zou zien vanaf de Ross Revenge. De Ruslings plaatsen die gebeurtenis echter terug in de tijd naar het jaar 183 en maken er daarmee een vorm van "Stone Age Radio" van die zelfs aan de uitvinding van de radio voorafging. Een derde paar ogen over de tekst had dit soort schoonheidsfoutjes kunnen voorkomen.
7 Verder, en belangrijker, zijn een aantal duidelijke omissies. Net al in de eerste druk mis ik bijvoorbeeld een verhaal rond de mijns inziens best belangrijke Don Allen. Deze enkele jaren geleden overleden deejay heeft toch een aanzienlijke carrière doorlopen binnen radioland. In het boek komen ook tal van verwijzingen voor wanneer deejays onder verschillende namen hebben gewerkt. Soms ontbreken die evenwel. Zo heb ik lang gezocht naar informatie rond Brian McKenzie, die niet onder die naam te vinden was. Pas bij de naam Brian Webb, achter in het boek, kwam ik informatie over hem tegen maar zonder een verwijzingsteken naar een vernoeming onder de letter M van McKenzie. Ook de afsluitende informatie, dat de man tegenwoordig in Spanje zou verblijven, lijkt me niet geheel correct. Mogelijk zijn de Ruslings op dit punt lichtelijk in de war met Simon Barrett.
8 Ik besef dat ik dat ik niet goed een afstandelijke recensie kan schrijven over dit boek, gezien mijn zo uitgebreide betrokkenheid bij de radio van de afgelopen vier decennia. Vele van de beschreven personen ken ik persoonlijk of zijn door mij vastgelegd in mijn eigen archief. Om die reden zou een te kritische recensie oneerlijk zijn. Het zou ook een verkeerd beeld scheppen van het werk van Dawn en Paul Rusling. Toch zou ik in de volgende editie, waarvan wordt gezegd dat deze in 2003 zal uitkomen, graag een iets genuanceerde omschrijving willen hebben bij Eddie Blackwell.
9 Was Blackwell niet nauw betrokken bij de pogingen om te voorkomen dat Laser 558 té populair zou worden? Waren er ook geen geruchten dat er in die tijd gesprekken waren afgeluisterd en opgenomen, waarbij niet alleen Laser te sprake kwam maar ook die prachtige pub "The Punch Tavern" in Whitstable. Een pub die niet alleen bekend stond vanwege de heerlijke bieren maar ook vanwege het feit dat deze pub, toen de brand erin ging, eigendom was van niemand minder dan Paul Rusling, die op zijn beurt destijds ook betrokken was bij het zeezenderproject Laser 558. Het is niet duidelijk of deze informatie met opzet achterwege is gelaten, maar het zou geschiedsvervalsing zijn als dit gegeven in de derde druk andermaal wordt weggelaten.
10 Voor de rest, iedereen kopen dat boek want het is een echt een "must" voor de radioliefhebber. "Who's Who in British Radio, 2002" telt, zoals al gezegd, liefst 572 pagina's en is voor 50 euro te bestellen bij Broadcast Data Publications, PO Box 12, Willerby, East Yorkshire HU10 7YT in Engeland. Verdere informatie is te vinden op de website van Broadcast Data Ltd.
11 WWW-Adressbuch Radio+TV im Internet. Een stuk dunner is het tweede boek dat ons in de week voor Kerstmis 2001 ter recensie werd aangedragen. Toch staat er in de ongeveer zeventig bladzijden, zij het deels indirect, een schat aan informatie. Het boek biedt namelijk een indrukwekkend overzicht van zo'n vierduizend internetsites die betrekking hebben op het gebied van radio en televisie. Het overzicht is deels per land samengesteld, deels per stad dan wel deelstaat als het gaat om Duitsland en Amerika. Maar ook gericht naar onderwerp is een groot aantal sites zeer gemakkelijk te ontsluiten. Het adresboek, dat als ondertitel "Entertainment Guide" meekreeg, is samengesteld door Anita Pospiechil, de uitgever van Radio Journal, een van de toonaangevende tijdschriften op radiogebied in Duitsland.
12 Dat er in dit overzicht behalve radio ook andere onderwerpen worden aangedragen lijkt mij niet storend. Zo stelt Anita ons een site voor genaamd: Airlines in Internet. Altijd handig, nietwaar? Daar staat ook wel veel tegenover. Zeer indrukwekkend is het aantal sites, dat ze voorstelt op het gebied van de antieke radio in deze wereld. Ook interessant is de "run-down" op het gebied van country-muziek dat ze heeft samengebundeld in een aparte rubriek. Uiteraard is ze, bij de samenstelling van het boekwerk, niet voorbijgegaan aan de enorme hoeveelheid aan DX-clubs die op de wereld al jaren actief zijn en nu ook op internet via verschillende sites zijn te zien. Hetzelfde geldt als het gaat om sites die interessant zijn op het gebied van de film en filmproductie en het mediagebeuren.
13 Met dit boek in de hand kun je kortom uren, wat zeg ik, dagen en maanden met plezier het net op gaan en leuke en interessante dingen vinden op het gebied van radio en televisie. Alleen vonden we helaas een foutje terug in de omschrijving van deze site Soundscapes. In het internetadres was de "o" vergeten. Maar de kenner heeft onze site gelukkig al lang in zijn lijst van favorieten opgenomen. Echt uniek is dat het boek is aangepast aan de snelle veranderingen op het internet. De uitgave wordt elke dag aangepast en op bestelling gedrukt. Wie het koopt, krijgt dus altijd de meest actuele uitgave in handen. Meer informatie is op te vragen via de website van: WWW-Adressbuch.
14 Sender & Frequenzen 2002. Ook de derde uitgave die hier wordt besproken komt uit Duitsland. De meeste mensen zetten de radio klakkeloos aan als een vorm van "geluidsbehang". Sommigen lopen echter doelbewust de frequenties af op zoek naar de verschillende stations in de wereld om opdie manier "echt" te luisteren naar de radio. Al weer voor het negentiende jaar op rij worden zij daarbij geholpen door Michael Schmitz en Wolf Siebel, die keer op keer garant staan voor de samenstelling van wat terecht doorgaat voor de Duitstalige bijbel op het gebied van het beluisteren van de radio. Zoals altijd biedt het boek prachtige overzichten van de stations die over de hele wereldbol te ontvangen zijn. De overzichten staan geordend per land, maar daarnaast biedt het boek ook overzichten van zenders aan de hand van de verschillende meterbanden die het radiospectrum rijk is. Voor diegene die nog niet erg goed thuis zijn in het "echte" luisteren, hebben de beide auteurs een paar overzichtelijke hoofdstukken geschreven met tal van goede tips.
15 Na deze hoofdstukken volgt het landenoverzicht, lopend van A tot Z en dus van Ägypten tot en met Zypern. Tussen die twee landen komt in het boek nog een groot aantal andere landen aan de orde. In de werkelijkheid ligt tussen die beide landen ook nog een stukje zee. En waarom deze opmerking? Omdat die zee ook het gedeelte voor de kust van Israël omvat, vanwaar nog steeds Arutz Sheva als zendschip actief is gericht op het volk van Israël. De auteurs melden namelijk dat het station zijn uitzendingen inmiddels vanaf land verzorgt, hetgeen een van de weinige kleine foutjes is die in het boek voorkomen. Het 496 pagina's dikke boek omvat, naast de voornoemde overzichten, ook een aantal verhalen omtrent de geschiedenis van de radio. Zo heeft men deze keer een special opgenomen rond het zestigjarig bestaan van "The Voice of America", een verhaal over oppositie via de radio, en besteed daarnaast aandacht aan vrije radiostations en hobbyisten-radio".
16 Dit jaarboek, dat zonder overdrijven de sleutel tot de radio kan worden genoemd, kost 21,90 euro. "Sender & Frequenzen 2002" is rechtstreeks in de boekhandel te bestellen onder ISBN 3-89632-051-3. Ook kan men het boek bij de uitgever bestellen op het adres: Siebel Verlag, Auf den Steinbüchel 6, D 53340 Meckenheim Deutschland. E-mail: leserservice@siebel-verlag.de. Ook een kijkje op de site van de uitgeverij is mogelijk, zie: Siebel Verlag.
   
Previous
  2002 © Soundscapes