Logo  
  | home | authors | calendar colophon | links | newsgroups | newsfeed | new | printer version |  
volume 6
december 2003

Tony Allan vertelt ...

 





  Bespreking van de dubbel-cd "The Tony Allan Story"
door Hans Knot
Previous
  Als deejay was Tony Allan onder meer betrokken bij de zeezenders RNI, Radio Caroline, Radio Seagull, Radio Mi Amigo, Radio Atlantis en Voice of Peace. In 2002 verscheen een dubbel-cd, waarop hij zijn ervaringen vertelt. Hans Knot luisterde ernaar en doet verslag.
 
1 Rechts: Tony Allan in de Maidstone Studio (19 augustus 2001)

Nog veel te jong. "Iedereen kan een deejay zijn en dus bedacht ik dat ik deejay wilde worden." Op 15-jarige leeftijd trok Tony Allan al naar het Caroline House aan Chesterfield Gardens in Mayfair, de luxueuze wijk in hartje Londen. Elk vrij uurtje van school hielp hij daar de dames van de Caroline Club mee om de pakketten voor de leden in te pakken. Na een aantal weken was hij behoorlijk kwaad op de baas van Radio Caroline, Ronan O'Rahilly. Hij had de Ier gevraagd of hij aan boord van een van de schepen van het station mocht om er radioprogramma's te gaan maken. Terecht had O'Rahilly hem gezegd dat hij daar nog veel te jong voor was. Maar, Allan zat niet bij de pakken neer en een paar jaar later zou zijn droom werkelijkheid worden.

  Alternatieven waren er destijds genoeg: Radio Essex, Radio London en Radio England om maar een paar namen te noemen. Met het geluid van die stations had Allan echter niet zoveel op, maar deejay zou hij worden. Hij besloot de school de school te laten en vertrok per trein naar Schotland. Niet alleen omdat dit deel van het Britse eiland gedeeltelijk eigen rechten had, maar ook omdat daar, in internationale wateren, Radio Scotland actief was. Een droom kwam spoedig uit, want na het inspreken, in de landstudio, van enkele teksten, werd hij aangenomen vanwege zijn talent. Dat betekende de start van een lange carrière van een uitstekende deejay die voor een groot aantal zeezenders werkte: RNI, Caroline, Seagull, Radio Mi Amigo en ooit zelfs Nederlandstalig als invaller op Radio Atlantis. En natuurlijk moeten we niet zijn periode bij Abe Nathan's Voice of Peace vergeten.
2 Links: de dubbel-cd

Een dubbel-cd. Allan heeft, kortom, heel wat vertellen over de zeezenders en dat heeft hij nu ook gedaan. Er is namelijk een dubbel-cd verschenen waarop hij zijn ervaringen uiteen zet, geproduceerd door Allan's voormalige collega op Radio Caroline, Bob Lawrence. Erg emotioneel vertelt Allan ondermeer over zijn vriendschap met Stuart Henry, een relaas waarbij ik — toegegeven — de ogen niet droog kon houden. Na zijn periode bij Radio Scotland en de invoering van de Marine Offences Act in de UK werkte Allan eerst bij een aantal televisiestations als omroeper. Het was bij Grenada Television in 1970 dat hij plotseling een item voorbij zag komen over RNI. Het was de zomer dat het station afscheid zou nemen van haar luisteraars, maar het voorgevoel van Allan, dat het station spoedig zou terugkeren, werd bewaarheid.

  Hij belde zijn voormalige collega en goede vriend Graham Gill, die in Amsterdam wel een slaapplaats voor hem had op de vloer. Dat was de kans om te gaan solliciteren bij het opnieuw opgestarte RNI. Hij kreeg de gewenste baan en maakte erg goede programma's en tot verwondering van velen was zijn Nederlands ook erg goed. Op de cd vertelt Allan dan ook hoe hij de Nederlandse taal meester werd. Ook vertelt hij hoe hij persoonlijk verantwoordelijk werd voor de doorbraak in Nederland en Engeland van Rob en Ferdi Bolland. Evenmin gaat Allan voorbij aan het onderwerp "RNI 2," het station dat tijdelijk uitzond in 1972 op de "192 meter," toen Radio Veronica deze golflengte inwisselde voor de 538 meter. Allan opende toen het schijn-station "RNI 2".
  Het leukst zijn evenwel de verhalen rond de "Voice of Peace," waarbij Allan vooral ingaat op de lange periode in New York, de overtocht naar Spanje, alwaar de nodige problemen waren. Hij vertelt hoe de kapitein zo dronken was dat Allan het schip moest afmeren aan de kade van Cadiz. Hoe vervolgens de politie aan boord kwam, omdat men dacht dat het Vredesschip wapens zou vervoeren. Ook meldt hij hoe Abe Nathan de hoeren van Marseille aanzette om de opbrengst van een avond werk af te geven aan het goede doel: The Voice op Peace. Hij laat vervolgens ook de verhalen voorbij komen rond de maffia op Sicilië, die ook voor Nathan's verhalen vielen en veel geld leverden.
3 Rechts: Bob Lawrence

Een klasse-product. Allan keerde, tijdens zijn VOP-jaren, verschillende keren kort terug naar Radio Caroline. Daar was het ook dat ik hem voor het eerst — en het zou zeker niet de laatste keer zijn — zou ontmoeten. Dennis King had hem van Schiphol gehaald en met de auto naar de Van Hoogendorpstraat in Den Haag gereden, waar het Caroline kantoor was gevestigd. Het was emotioneel om te zien hoe men in 1973 al blij was om hem daar terug te zien. Het zou te ver voeren om te vertellen welke onderwerpen er nog meer door Tony Allan en Bob Lawrence op de cd's worden aangesneden. Natuurlijk is er het onderwerp "Loving Awareness," de liefdesfilosofie van O'Rahilly, dat door velen al uitgebreid aan de orde is gesteld. Twaalf minuten vind ik persoonlijk veel te lang voor dat onderwerp. Interessant is daarentegen te horen hoe Allan als eerste deejay ter wereld er in 1974 al openlijk vooruit kwam dat hij homoseksueel was en dat er zelfs jingles werden uitgezonden om dit te ondersteunen. Dit alles met dank aan Steve England, die niet wist dat — toen de "Tony Allan is gay" jingle als grap werd gemaakt — Allan die ook daadwerkelijk en veelvuldig op Radio Caroline zou gaan gebruiken.

  Een deel van Allan's loopbaan, dat vaak wordt vergeten, wordt ook aangesneden. Uitgebreid vertelt hij hoe hij jarenlang in Ierland werkte bij verschillende landpiraten. Niet alleen zorgde hij voor radioprogramma's op verschillende stations maar ook stond hij garant voor tientallen commercials en jingles. Op productiegebied was Allan bepaald geen kleine jongen. Ik heb beide cd's twee keer intens achter elkaar heb afgeluisterd en ik heb slechts een enkele kritische opmerking. Eerlijk is eerlijk: producer Bob Lawrence heeft echt teveel achtergrond gebruikt om het geheel te ondersteunen. Het verhaal van Tony Allan heeft weinig behoefte aan nog meer kleur te geven dan hij zelf daaraan heeft gegeven. Voor de rest hebben beide heren voor een klasse-product gezorgd.
  The Tony Allan Story is verkrijgbaar op twee cd's, die voor 30 Euro, inclusief verzendkosten, zijn te bestellen bij: The Radio Production Company, PO Box 113, Sheerness, ME12, 2TD United Kingdom.
   
Previous
  2003 © Soundscapes