Logo  
  | home | authors | calendar colophon | links | newsgroups | newsfeed | new | printer version |  
volume 11
september 2008

Muziek in Den Haag en Scheveningen

 





  Bespreking van:
  • Cor Gout, John van Markwijk en Harry Zevenbergen (2008), En dan nu de polonaise. Muziek in Den Haag en Scheveningen. Den Haag: Trespassers W (564 pagina's; ISBN: 978-90-76808-06-2)
door Hans Knot
Previous
  Voor de muziekgeschiedenis is niet alleen de muziek zelf van belang. Ook de plaatsen waar die muziek gemaakt en beluisterd werd hebben soms iets bijzonders. Wat Nederland betreft geldt dat zeker voor Den Haag. Die plaats was niet alleen de beatstad bij uitstek: ook eerder al viel daar veel te beleven op het vlak van de klassieke en de populaire muziek. In een kloek boekwerk staat een en ander nu samengevat. Hans Knot las het voor ons door.
 
1

Uit Den Haag en Scheveningen. Een zwaar boekwerk van liefst 564 pagina's viel als een bom bij de post. Jee, hoe zwaar moet de postbode het wel niet hebben gehad om het te bezorgen ... Als hij van de inhoud kennis had genomen had hij waarschijnlijk zijn fiets aan de kant gezet, een rustige plek opgezocht en de postbezorging voor de rest van de route voor die dag maar gelaten. De titel van het boek En dan nu de polonaise, muziek in Den Haag en Scheveningen is ook nog eens veeldragend, want degene die dit boek in bezit heeft dient acuut de soortgenoten in Nederland op te zoeken om vervolgens gezamenlijk naar de Pier van Scheveningen te gaan om daar, onder het oog van de samenstellers en auteurs, een fantastische polonaise uit te voeren, begeleid door alle muzieksoorten die er ondermeer in het boek worden besproken.

  Iedere muziekliefhebber van middelbare leeftijd weet zich te herinneren waar ze dat ene concert voor het eerst hebben beleefd, waar ze dat toen nieuwe groepje voor het eerst hebben ontdekt, en ook welke muziekzaal of club ze het liefst bezochten en tevens waar ze zoal de inmiddels ouderwetse platenzaken aandeden. En de zo verworven kennis van de muziek wordt door deze zelfde groep leeftijdsgenoten maar o zo graag met elkaar gedeeld. De muzikale polonaise kan op diverse manieren worden beschreven en het enthousiast delen van de muziekherinneringen in de breedste vorm van de betekenis zou een terechte toevoeging kunnen zijn.
  Onder leiding van het drietal Gout, Markwijk en Zevenbergen, is er intensief gewerkt aan een prachtig document waarin een vijftigtal hoofdstukken de muzieksoorten en hun uitvoerenden op een prachtige manier worden beschreven. En dan dient niet meteen te worden gedacht aan de vele bekende en de illustere popgroepen die vanuit Den Haag en Scheveningen en daarbuiten veroverden. Nee, het boek beschrijft allereerst de beleving van de klassieke muziek, met daarbij de toenmalige nieuwe invloeden die in Den Haag ondermeer door het Residentie Orkest via gastdirigent en componist Pierre Boulez ten gehore werd gebracht. Maar ook anderssoortige Haagsche klassieke muziekbeleving komt uitgebreid aan bod, wat mij nog eens duidelijk maakte dat de vijftigplusser het goede geluk heeft gehad van een volwaardige muzikale onderbouwing tijdens de scholing tot volwassene. Klassiek was vaste koek in de klas en eens per jaar werd je, al dan niet met tegenzin, meegesleept naar een klassieke uitvoering en mocht je op het einde van het schooljaar je favoriete single, vaak een popplaat, voor de klas ten gehore brengen. Maar juist die klassieke muziek was de basis voor vele leeftijdsgenoten het in de muziek te gaan zoeken.
2 Links: Promotiefoto van de Haagse popformatie Shocking Blue

Over Klassieke Muziek en Indo-Jazz. Het moet een enorme klus zijn geweest dit meesterwerk te redigeren. En dan hebben we het niet over een productietijd van een jaar maar zeker meer. De taak van de samenstellers was een zeer gedegen naslagwerk op de markt te brengen, waarin alle takken van de muziek in de breedste beleving in Den Haag en Scheveningen worden onderworpen aan een zodanige belichting dat een breed publiek er voluit van kan genieten. Het zo verkregen document is niet een boek geworden dat je zo maar even uitleest in een paar avonden, het is een gedegen naslagwerk geworden dat je per hoofdstuk tot je neemt en dan weglegt. Dit ter voorkoming dat er te veel aan informatie moet worden verwerkt en daardoor snel vergeten zal worden. De taak van een recensent is in het kort een boek op een zo snel mogelijke wijze te beschrijven. Een totaal onmogelijke zaak op korte termijn te komen tot een totaal recensie van het boek en daarom heb ik gekozen tot het uitlichten van slechts enkele topics uit En dan nu de polonaise.

  Vaak worden de vele indorockgroepen, later gevolgd door popgroepen uit de regio Den Haag, geroemd voor hun doorzettingsvermogen en de mooie doorbraak die men nationaal en voor sommigen ook internationaal maakten in de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw. Wat veel minder bekend is dat in de jaren twintig er al enorm veel aandacht voor de jazzmuziek in het Haagsche was. Deze Indo-Jazz werd vooral in eerste instantie gespeeld in schoolorkesten en studentenorkesten, die naar voorbeeld van de Engelse jazz hun kunsten vertoonden in cafés en restaurants en op schoolfeesten. Gelijk aan de beleving van een deel van onze ouders vroeger van de beatmuziek was er in de jaren twintig ook al sprake van dat de ouders het muzikale werk van hun kinderen nauwelijks waardeerden. Gelukkig krijgt de vroege beleving van de jazz in dit boek uitgebreide en goed gedocumenteerde aandacht, waarbij vooral het fuiven en feesten met eigen jazzbands van de Indiërs, die toen al deels naar Nederland waren gekomen, naar voren komt. De Indiërs komen later in het boek in een aantal hoofdstukken terug waarin ondermeer de opkomst van de Indo rock tegen het eind van de jaren vijftig wordt beschreven.
3 Rechts: de Haagse platenzaak Muzam in de Boekhorststraat

Fanclubs en platenzaken. Een ander hoofdstuk dat mijn aandacht trok, is geschreven door Huub Koch, die op de leeftijd van dertien jaar destijds in de eind jaren zestig — na voorbeeld van vele andere fanclubs — zijn liefde ging uiten voor Shocking Blue. In de snelle tijd van internet is het runnen van een fansite een veel minder kostbare gelegenheid dan destijds, toen nieuwtjes, wetenswaardigheden en andere zaken, via een gedrukt blaadje dienden te worden verspreid. Een aandoenlijk verhaal waarin hij vertelt hoe destijds hij, ondersteund door zijn ouders zijn eigen fanclub had. Zijn moeder hield de uitgebreide ledenadministratie bij. Een klus die gigantisch uit de hand liep met snel een bestand van anderhalf duizend leden. Maar ook de beschrijving hoe hij de familieleden en leden van de Shocking Blue benaderde, de platenmaatschappij die wel ten dienste wilde zijn bij het samenstellen van Pink, zoals het fanclubblad heette. Hart en ziel werden erin gestoken. Nu is Huub Koch ontwerper en het interesseert hem bijna vier decennia later vooral hoe het idee dat achter Shocking Blue zat, het ware concept van het succes was.

  Nog een ander hoofdstuk dat mijn interesse wekte, was de beschrijvingen van tal van platenzaken, die het Haagsche in de loop de decennia rijk is geweest. Hierbij worden niet alleen de kopers maar ook de verkopers aan het woord gelaten. Platenzaken waren er veel in Den Haag en ook Scheveningen zat er niet zonder. Platenverkoop vond ook elders plaats, ondermeer in warenhuizen als Galeries Modern en Vroom en Dreesmann en daarnaast de witgoedwinkels, die een speciale platenhoek hadden tot het einde van de jaren zeventig van de vorige eeuw. Skip Voogd is een van de personen die zijn herinnering aan het platen kopen mocht beschrijven. Opmerkelijk is het verhaal dat in de tijd van armoede, direct na de Tweede Wereldoorlog, Skip al bezoeker en koper was, van voornamelijk jazzmuziek. Uiteraard hebben we het over de tijd van de 78-toerenplaat, waarbij een tekort ontstond aan 'schellak,' het materiaal dat werd gebruikt voor het aanmaken van de 78-toerenplaat. De oplossing was o zo simpel. Twee grijsgedraaide platen inleveren bij de platenwinkel en een kleine bijbetaling leverde een nieuwe recente release op en de ingeleverde platen werden gerecycled.
  Dat waren zo maar een paar van de hoofdstukken en anekdotes die in En dan nu de polonaise. Muziek in Den Haag en Scheveningen te vinden zijn. Bovendien dient vermeld te worden dat het boek zeer rijk is geïllustreerd met materiaal dat ik in eerdere publicaties voor het overgrote merdendeel niet eerder tegenkwam. Zoals U ziet een waardige schat aan informatie en ik raad U dan ook aan deze polonaise vol glorie te gaan beleven door het boek snel bij uw boekhandel of anders via de website van uitgever Tresspassers W te bestellen.
   
Previous
  2008 © Soundscapes