Logo  
  | home | authors | calendar colophon | links | newsgroups | newsfeed | new | printer version |  
volume 12
maart 2010

RNI op de korte-golf

 





  De programma's van Albert J. Beirens
door Hans Knot
Previous
  Begin 1970 werd West-Europa verrast met het geluid van Radio Nord Sea International, later bekend als Radio NorthSea International ofwel Radio Noordzee. Dit jaar is het veertig geleden dat dit kleurrijke radiostation vanaf de Noordzee haar programma's startte — reden voor Hans Knot om nog eens bij RNI stil te staan, en dan met name bij de korte-golf-uitzendingen van deze zeezender. Zijn vertrekpunt is een tweetal brieven dat hij onlangs onder ogen kreeg. Het zijn brieven die A.J. Bierens destijds stuurde aan zijn collega-deejay Graham Gill.
 
1 Links: A.J. Beirens achter de draaitafel op de MEBO II

Twee brieven van A.J. Beirens. Onlangs kreeg ik de beschikking over honderden brieven die tot dan toe lagen opgeslagen in een kelder in Amsterdam. Die kelder, en de brieven, behoren toe aan Graham Gill die in de jaren zeventig als deejay werkte voor de zeezenders Radio Northsea en Radio Caroline. Later dit jaar zal hij zijn boek "Way back home: the Graham Gill Story" presenteren. Nu dat boek af is, stelde Gill de brieven aan mij beschikbaar. Ik pak er voor deze gelegenheid twee uit die Gill in 1973 ontving van een van zijn collega's, Albert J. Beirens — de man die altijd en overal met zijn eerste initialen "A.J." werd aangeduid en die destijds woonachtig was in Zeebrugge. Beirens was de man achter de uitzendingen op de korte-golf, de zogeheten DX-programma's van RNI. De brieven laten zien dat hij er nauwlettend op toe zag dat de tapes die hij vanaf de wal naar het zendschip MEBO II verstuurde, goed gedraaid werden. Op 10 juli 1973 schreef hij bijvoorbeeld aan Gill:

"Luister op 15 juli naar het DX-programma want dan zal ik een plaat voor je draaien en tevens voor Allen. In het onderdeel 'World in Action' zal er een verzoekplaat worden gedraaid voor Marc van Amstel en Floor. Tussen twee haakjes, als jij degene bent die de programma's gaat instarten op de komende zondag, dan kan ik je nu al melden dat 'World in Action' start met de piepjes van 10 uur GMT en niet met een jingle, zoals je van me gewend bent. Start het programma dus vijf seconden voor het hele uur. Ik heb vandaag nog een telefoongesprek met Andy [Archer] gehad en die ziet de toekomst voor Radio Caroline weer aardig optimistisch in."

  De brief werd geschreven rond de tijd dat Radio Caroline vanaf het zendschip MEBO II in juni 1973 weer met een volledige Engelstalige service was begonnen en tevens een tweede station in de ether had gebracht dat geprogrammeerd was op een soort van "middle of the road." Niet alleen zijn programma's hield Beirens nauwlettend in het oog, zorgvuldig was hij ook in zijn sociale contacten. Zijn brief besloot Beirens dan ook met de woorden: "Doe mijn groeten aan de jongens op het schip, speciaal aan Brian. We zien elkaar spoedig." Brain was Brian "The Kilt" McKenzie, die op 24 oktober 1973 was ontslagen, maar zo'n tien dagen later weer bij RNI was aangenomen.
  Diezelfde combinatie van zorg voor zijn programma's en zijn directe collega's treffen we ook aan in een tweede brief die ik in Gill's archief aantrof. Deze korte brief, gedateerd op 18 november 1973, was geschreven op het officiële briefpapier van het hoofdkantoor van Radio Nordsee International in Zurich, Zwitserland, maar ging vooral om persoonlijke zaken, in dit geval van financiële aard. Beirens opent met:
  "Hallo Graham, ik hoop dat alles goed met je gaat, zowel qua gezondheid als met je talent. Gisteren ben ik voor het eerst, na mijn ziekte, weer buiten geweest en ik heb me daarmee, om het zacht te zeggen, prima vermaakt. Even iets anders: ik wil je graag een gunst vragen. In 1973 heb ik al meer dan 700 Pond uitgegeven voor mijn programma's, waarvan het merendeel voor de aanschaf van recorderbanden. Daarom mijn vraag of je erop toe kan zien dat een deel van die banden, een stuk of zestig schat ik, naar mijn adres in Zeebrugge worden gestuurd."
  "Misschien kunnen de mensen van de Trip Tender het voor je verzorgen of anders kunnen Marc van Amstel en jij iedere week een aantal per post naar mijn adres verzenden. Natuurlijk zal ik alle gemaakte kosten vergoeden. Ik zou het tevens heel fijn vinden als je voor me uitzoekt waarom mijn programma's twee zondagen achterelkaar niet zijn uitgezonden. Bel me even op als je van het zendschip komt. Ik kom zelf waarschijnlijk een paar dagen naar de MEBO II rond de Kerstdagen. Ben jij dan ook aan boord? Zoals gezegd bel me even en laat me ook even weten of jezelf met de Kerst aan boord zal zijn."
2 Rechts: De brief van 18 november 1973 (klik op de afbeelding voor een grotere weergave)

Afgebroken na de eerste uitzending. DX-en is een eigenaardig fenomeen. Het staat voor het luisteren naar een signaal dat je tot dan toe nauwelijks of niet eerder ontving mede vanwege de afstand tussen ontvangsttoestel en de plek vanwaar het signaal is verzonden. DX-ers kunnen uren achter hun ontvangsttoestel zitten om voor hen nieuwe signalen te ontvangen. Is dat het geval, dan sturen ze een ontvangstrapport naar het betreffende station en een IRC ofwel een "international reply coupon" om de ontvangst bevestigd te krijgen met een zogenaamde QSL-kaart. Een DX-programma informeert over het luisteren naar verre stations, voornamelijk via de kortegolf en brengt verder info inzake DX-manifestaties, radiohistorie en gerelateerde zaken.

Beirens presenteerde een verschillende van dergelijke programma's op RNI, waarvan het eerste "Northsea Goes DX" op 23 september 1970 werd uitgezonden op het station. In het weekend van 22 en 23 september werd door de technische staf van RNI de korte-golf-zender in de 31 meter band (9940 kHz) en de FM-zender op de 100 MHz losgekoppeld van het normale RNI-signaal, dat er vervolgens nog wel uitging via de 1367 kHz op de middengolf en de 6205 kHz in de 49 meter, de zogenaamde Europaband. Via de eerste twee frequenties waren vervolgens de programma's van "RNI World Service" te beluisteren met daarin aandacht voor het DX-programma alsook deejayshows gevuld met heerlijke "middle of the road"-muziek, die mij op dat moment persoonlijk deed terugdenken aan de geweldige programma's van Radio 390 in de jaren zestig.

  De toenmalige uitzendingen van RNI's World Service zouden tot slechts een enkel weekend beperkt blijven. Nog in de avond van dezelfde dag dat het eerste programma van Beirens werd uitgezonden, bracht de eigenaar van een tender, de MV Redder, namelijk een boodschap aan boord namens de eigenaren van RNI, de Zwitsers Meister en Bollier. Het was Tom van der Linde, alias captain Tom, die de boodschap aan de dienstdoende kapitein overhandigde. De leiding van RNI maakte in de brief aan de bemanning bekend dat het station de volgende ochtend, 24 september 1970, om 11 uur uit de ether diende te verdwijnen. De eigenaren hadden besloten om Radio Veronica niet langer in de weg te staan. Met hun acttie wilden ze voorkomen dat de Nederlandse regering zou ingrijpen tegen de zeezenders, die hun programma's verzorgden vanaf schepen verankerd in internationale wateren voor de Nederlandse kust. Het leek erop dat Beirens optreden op RNI een eenmalige gebeurtenis was geweest.
  De eerste indruk die ik destijds kreeg was er een van: "Tjee, wat een gelikt programma en wat een dichtgeknepen stem heeft die presentator." Dit alles met een pakkende inhoud die de echte radioluisteraar zeker aan de luispreker wist te kluisteren. Wie was nu eigenlijk die Albert J. Beirens? Ten tijde van zijn eerste programma was hij 23 jaar en was dus in 1947 geboren en wel in Brugge. Hij was destijds werkzaam bij de scheepvaartonderneming Townsend Thoreson, die ondermeer een ferry-terminal had in Zeebrugge. Het was daar dat A.J. kantoor hield. Als groot radiofan kwam hij goed van pas bij de eigenaren van RNI die in het verre Zwitserland woonden en probeerden te luisteren naar het station. Beirens bleek menigmaal een handige schakel in hun communicatielijnen.
  Het kantoor van MEBO Ltd, de firma achter RNI, lag namelijk niet zo dicht bij de Noordzee. De onderneming was gevestigd in Zurich en de beide eigenaren, Erwin Meister en Edwin Bollier, waren woonachtig in de directe omgeving van de stad die omringd werd door bergen. Bollier was een ervaren DX'er en leefde zich in zijn vrije tijd geheel uit in zijn DX-hobby. Door het inrichten van een privé antennepark was het voor hen, zij het onder goede condities, mogelijk om in Zwitserland de programma's van RNI te beluisteren. Onder andere, minder gunstige omstandigheden waren ze aangewezen op de hulp van buitenaf. En, een van de personen die dan als steun klaar stond was Albert J. Beirens. Als de korte-golf-zenders aan boord van de MEBO II bijvoorbeeld niet in de ether waren en Meister en Bollier wilden in het verre Zwitserland toch weten wat er zoal aan boord van hun zendschip gebeurde, dan zochten ze contact met Beierens, die op zijn beurt per ommegaande antwoordde via de fax van Townsend Thoreson.
  Van het een kwam het ander. Al snel hadden ze in Zwitserland bij MEBO Ltd. door dat ze met Beirens te maken hadden met een zeer betrouwbaar iemand en bovendien een soortgenoot, want Beirens was zelf ook een fervent DX'er. Medio 1970 opperde Albert dat het misschien interessant kon zijn voor RNI om een wekelijkse of maandelijkse DX-programma op te starten om op die manier ook luisteraars in verre landen te binden aan het radiostation. Hij kwam met een aantal voorstellen en kreeg toestemming het programma te produceren en te presenteren, zoals gezegd ging het eerste programma eruit op de bewuste datum van 23ste september 1970. Het betreffende weekend was ook het enige waarin zowel op de korte golf als de FM-frequentie werd uitgezonden. Daarna — er kwam inderdaad nog een vervolg — waren de programma's van Beirens slechts via de kortegolffrequenties van RNI te beluisteren.
3 Links: QSL-kaart van Radio Northsea International

Toch nog een vervolg. Beirens beschikte over voldoende capaciteiten voor een dergelijk programma. Hij had een sterk internationale oriëntatie, die zich uitte in een bedrevenheid in allerlei talen. Op vroege leeftijd al begon hij zich te interesseren voor de Engelse taal en cultuur, spoedig gevolgd door andere talen. Ook ontdekte hij de mooie wereld van het korte-golf-gebeuren en werd hij een vaste luisteraar van het programma "BBC London Callling" en andere DX-programma's, zoals "Sweden Calling DX." Hij raakte ook geïnspireerd door de wijze van programma's maken en het gebruik van jingles door diverse radiostations, die vanaf zee hun geluid naar de luisteraars brachten. Dit alles zou hem er later toe brengen ook de zeezenders een plek te geven in zijn programma's op RNI.

Sommige luisteraars dachten dat het in september 1970 voorbij was voor het station, anderen koesterden de hoop dat het station in de ether zou terugkeren. Het jaar 1970 bleek achteraf gelukkig niet de einddatum voor RNI, want de eigenaren besloten in het voorjaar van 1971 het station opnieuw op te starten met een gedeeltelijke Nederlandstalig programma en een Engelse service. In de loop van de daarop volgende maanden kwam er een aantal programma's bij, waaronder twee van Albert J Beirens. Vanaf maart 1973 zou hij naast "Northsea Goes DX" ook het programma "Our World in Action" gaan presenteren, dat werd gemaakt in samenwerking met Unicef.

  Terwijl ik het bovenstaande schrijf, komen in mijn gedachten de prachtige RNI-programma's uit die periode weer voorbij. Reden genoeg om er maar eens een van de shows, als voorbeeld, bij te pakken. Ik kies het programma van de laatste zondag van augustus 1973. Zonder de eerder gememoreerde piepjes werd het programma opgestart met de station-tune "Man of Action," uitgevoerd door het Les Reed Orchestra. dan klinkt de stem van Beirens: "It's ten o'clock in Central Europe, 9:00 hours Greenwich Mean Time. You are tuned to the shortwave service of Radio Northsea International in the 49 meter band on a frequency of 6205 kHz." Daarna meldde hij dat er twee uur aan speciale programma's in het Engels zouden volgen.
  "RNI Goes DX" werd door Albert in onderdelen geproduceerd met als eerste het DX-Nieuws, dat startte met het nummer "Flower Drum Song" van Oscar Hammerstein II en Richard Rogers, waarna hij iedereen ter wereld welkom heette: "Good morning, good afternoon, good evening or goodnight, wherever you are listening in the world." Daarna volgde het DX-bulletin met wereldwijd nieuws over de korte-golf. In de voornoemde editie van 26 augustus 1973 schonk die rubriek ondermeer aandacht aan de volgende onderwerpen: allereerst info rond de uitzendingen via de korte-golf van de staatsomroep in Zuid-Korea. Die waren in diverse talen te beluisteren, waaronder Frans, Engels, Koreaans, Chinees en Russisch. Ook was A.J. altijd zeer correct in het geven van de volledige postadressen van de stations die hij in zijn programma vermelde.
  Het tweede onderdeel betrof een mededeling over een nieuwe wet die in Brazilië zou worden ingevoerd in 1974. Die wet verbood het voor stations in het land met een maximaal vermogen van 1kW om nog langer uit te zenden. De enige mogelijkheid om door te gaan was verhoging van het zendvermogen. Terloops vermeldde Beirens ook nog dat de Braziliaanse staatsomroep, Radio Nacional de la Brasilia, in de maand september vier talen toe zou voegen aan de internationale service, te weten Nederlands, Zweeds, Italiaans en Arabisch.
  In het programma was ook een opmerkelijk bericht te horen dat Bierens van de korte-golf-programma's van Radio Albania had opgepikt. Spoedig, zo luidde het nieuws, zou een nieuwe service worden opgestart door de Chinese Staatsomroep in Peking en wel een die gericht zou worden op de luisteraars in Nederland. De beide communistische landen, Albanië en China, hadden een uitgebreid samenwerkingsverband en de Nederlandstalige uitzendingen werden inderdaad enkele maanden later via het zogenaamde relaissysteem in Albanië uitgestraald. Verder bracht Beirens berichten over de internationale service van Radio Australia, Radio NHK, de nationale staatsomroep in Japan, Radio Grenada, Radio Thailand en meer.
4 Rechts: A.J. Beirens, Graham Gill, Peter en Werner Hartwig en Brian McKenzie

RNI DX Hitpick en luistertips. Het onderdeel "DX-Nieuws" nam wekelijks ongeveer tien minuten tijd in beslag, maar tijdens het hele uur zou af en toe nog een "DX News Flash" voorbijkomen. In 1973 werd het DX-programma trouwens wekelijks uitgezonden, mits de banden aan boord waren en door de verantwoordelijke technicus werden gestart. Na het "DX-Nieuws' promootte Beirens altijd zijn collega's van de Engelstalige service, in dit geval de "Hitback Show" van Mike and Sheila Ross en "The RNI Request Show" met Graham Gill. Deze programma's werden dezelfde dag in de avonduren uitgezonden via alle beschikbare zenders van Radio Northsea International.

  In die tijd was het gebruikelijk dat alle deejays op RNI wekelijks een nieuwe plaat uitkozen, deze uitriepen tot hun persoonlijke hittip en vervolgens bij herhaling aan hun luisteraars voorstelden. Beirens was niet de man om van dit gebruik af te zien. En dus stelde ook hij in de week van 26 augustus 1973 de "RNI DX Hitpick" voor: de groep Esperanto met het nummer "Publicity." Daarna volgden twee nummers van de Beatles, "Eleanor Rigby" en "Yellow Submarine." Een aantal brieven van luisteraars werd voorgelezen en tevens werd de mededeling gegeven dat een IRC insluiten verplicht was als men een geschreven antwoord wenste, behalve in landen als de DDR die dit internationale postkenmerk niet voerden. Vervolgens draaide A.J. speciaal voor de luisteraars in "The German Democratic Republic" het nummer "Son Of My Father" uitgevoerd door Chikory Tip, een Britse popgroep afkomstig uit de plaats Maidstone in het Graafschap Kent — een recente hitsong met de veelzeggende tekstregels: "Son of my father / Changing, rearranging into someone new / Son of my father / Collecting and selecting independent views / Knowing and I'm showing how the change is due."
  Naast luistertips promootte het programma ook met bepaalde regelmaat de diverse DX-bladen die er in de wereld werden uitgegeven. In het programma van 26 augustus 1973 werd op die manier de aandacht gericht op de "Benelux DX Club," die met een postadres in Nijmegen was gevestigd. De warme belangstelling van A.J. voor andere talen kwam om goed half tien, Engelse tijd, om de hoek kijken toen hij, andermaal op het geluid van "The Man Of Action," de stationsidentificatie, gaf. Hij deed dat achtereenvolgens in het Engels, het Nederlands, het Frans, het Duits en het Esperanto. En, viel mij een persoonlijke verrassing te beurt.
  Het gebeurt niet vaak dat ik iets van mijzelf tegenkom als ik weer eens opnames van een oud programma beluister. En, dat is precies wat me nu overkwam, want tot mijn verrassing betrof het gebruikelijke programma-item over zeezenders die keer het vroege begin van de herstart van RNI in 1971. Aanleiding was het verschijnen van een dubbel-LP met daarop de historie van RNI. De eerste LP was in het Engels ingesproken door Mike Ross, terwijl de tweede LP door Nico Steenbergen in het Nederlands was ingesproken. Beirens had voor de gelegenheid de teksten van Nico Steenbergen weggeknipt en opnieuw ingesproken in het Engels. De set was geproduceerd door Jacob Kokje met muijzelf als coproducer. Het dubbelalbum werd destijds uitgegeven door Pirate Radio News in Groningen. De commercials op de Engelse service van RNI voor deze productie werden ingesproken door Graham Gill. Voor mij betekende het destijds de eerste ontmoeting met Graham Gill. Leuk om dit alles terug te horen, hoewel het tegelijker toch ook een pijnlijke herinnering betekende aan een van de tragische zaken uit de geschiedenis van RNI, te weten de eerdere bomaanslag op de MEBO II van 15 mei 1971, gepleegd in opdracht van concurrent Radio Veronica.
  Tot zover mijn verslag van dit programma van de 26e augustus 1973. Het geeft een goed beeld van de programma's van Beirens. De broodnodige variatie ontbrak natuurlijk niet. Naast de eerder genoemde tune "Flower Drum Song" gebruikte Beirens door de loop der jaren op RNI bijvoorbeeld nog een aantal andere tunes voor zijn programma of onderdelen daarvan. Ik wil er een paar noemen: Dick Hyman met "Blackbird," Leroy Anderson met "Typewriter" en Waldo de los Rios met "Mozart 40." De vraag blijft of het eerder vermelde verzoek van Beirens aan Graham Gill om eens uit te zoeken waar zijn kostbare programmabanden waren gebleven en deze eventueel terug te sturen naar België, ooit is uitgevoerd. In ieder geval is het ons duidelijk dat er genoeg materiaal door deze en gene van boord is meegenomen en jaren later weer tevoorschijn is gekomen. Met andere woorden, er is genoeg materiaal van de programma's van "RNI Goes DX" nog in goede kwaliteit in omloop onder de nog altijd actieve fans van RNI.
5 Links: Een "reception report" uit Oost-Duitsland — let op de opmerking Störsender nicht im Einsatz!" (klik op de afbeelding voor een grotere weergave)

Andere en volgende activiteiten. De uitzendingen van Beirens kregen de nodige waardering en daarmee ook een bredere ondersteuning. Zo zou hij regelmatig worden bijgestaan door Pierre Deseyn, die ingezet werd voor de Franstalige luisteraars, terwijl de broers Peter en Werner Hartwig uit het Duitse Emden regelmatig met een programmaonderdeel voor de Duitse luisteraars te horen waren. Ook was Beirens een graag geziene gast aan boord van de MEBO II, waar hij een aantal programma's live presenteerde, zoals met de kerstdagen 1973 en gedurende de laatste dagen van uitzendingen van RNI, toen op 31 augustus 1974 zelfs een serie afscheidsprogramma's was te horen.

Intussen had Beirens zijn werkveld weten te verruimen. In 1974 was hij niet alleen als presentator te beluisteren via de korte-golf-uitzendingen van RNI maar ook op Radio Atlantis, dat vanaf een zendschip voor de kust van Zeeland verankerd lag in internationale wateren en vandaar haar uitzendingen verzorgde. Ook voor dit station was Beirens van dienst via zijn werkgever Townsend Thorenson. Hij regelde voor de diverse Britse medewerkers van het station goedkope overtochten van Engeland naar België en weer terug. Onder de naam Michael O nam hij voor Radio Atlantis en wekelijkse "Soul Show" voor zijn rekening. Net als voor de programma's op RNI maakte hij voor zijn en andermans programma's prachtige gezongen jingles, die voor velen collectoritems zijn. Ook vroeg hij collega's van andere stations dit werk te doen. Zo kwam met regelmaat bijvoorbeeld de jingle "A.J. uw deejay, elke zondag tussen tien en twaalf uur op Radio Noordzee" voorbij, ingesproken door Caroline-collega Mike Storm.

  Beirens zou het niet bij twee zeezenders laten, want in de late jaren zeventig van de vorige eeuw verzorgde hij ondermeer een aantal Franstalige programma's voor Radio Caroline. Daarnaast was hij ook op een aantal Caroline-Road-Shows in Vlaanderen te bewonderen. Eerder had hij zich ook al bezig gehouden met het mede opzetten van Radio Nova in het Italiaanse Ventimiglia. Een vierde zeezender, waar hij intens bij betrokken was, leed vrijwel direct schipbreuk toen het door de autoriteiten van zee werd gehaald. Ik doel daarmee op het zendschip, waarvan ondermeer Radio Paradijs haar uitzendingen vanaf zou verzorgen. Tussendoor schreef hij ook nog even het "Het Lokale Radioboek" over de lokale commerciële radio, en werkte hij als freelance journalist voor de Belgische radio en televisie. Alleskunner Beirens zette nog een nieuwsservice op, die door de diverse lokale stations gebruikt kon worden, met daarin vooral aandacht voor maritiem nieuws. In de jaren negentig richtte hij Radio Dynamo op, waar hij zelf te horen was onder de naam van Bart de Graaf. Later, in 1997, trad dit station toe tot het grote Contact-keten, dat anno 2010 ook niet meer bestaat. Al met al is de naam Beirens voor vele trouwe radioluisteraars en vooral voor DX-hobbyisten geen onbekende.
  Het is, tot slot, in dit bestek wel leuk om te melden dat het publiek van RNI zich niet beperkte tot de randen van de Noordzee. In de tijd dat RNI dus ook via de korte-golf uitstraalde en de middengolfuitzendingen onder goede condities werden uitgezonden, had het station een redelijke schare fans in de voormalige Oostbloklanden. Toen in mei 1973 de RNI-dubbel-LP uitkwam en deze via het station zowel op de Nederlandse als de Internationale Service werd gepromoot via mijn toenmalige postbusadres in Groningen, kreeg ik naast een bestelling voor deze dubbelaar vanuit de Sovjet Unie ook talloze brieven van luisteraars die een QSL-kaart van RNI wensten te ontvangen. Uiteraard was het niet de bedoeling van de betrokken overheden uit het Oostblok dat hun burgers afstemden op de westerse stations. Officieel was het dan ook verboden, maar het werd in de meeste gevallen toch wel oogluikend toegelaten. Werkte men echter bij het leger, de douane of de politie dan had men wel een probleem. Luisteren naar Westerse radiostations kon ondermeer leiden tot ontslag uit overheidsdienst.
  Ook bij RNI zelf viel er af en toe een brief uit het Oostblok in de brievenbus. In de doos met brieven van Graham Gill was er eentje die verzonden was uit Sommerda, een gemeente in de Duitse deelstaat Thüringen, en die gezien dient te worden als een "Reception Report." Het ontvangstrapport was, zo kunnen we uit de gegevens opmaken, afkomstig van een Oost-Duitse DX'er die via de middengolf luisterde met behulp van een twintig meter lange draadantenne. Opmerkelijk is de vermelding dat er op het moment van ontvangst geen stoorzender in gebruik was. Aangenomen mag worden dat de afzender hiermee doelde op een van de stoorzenders die de Oost-Duitse overheid gebruikte om de ontvangst van radiosignalen vanuit het Westen voor haar eigen burgers te belemmeren.
   
Previous
  Meer over RNI is te lezen op onze pagina's met RNI Memories
  2010 © Soundscapes