Logo  
  | home | authors | calendar colophon | links | newsgroups | newsfeed | new | printer version |  
volume 12
september 2009

Thomas Riegler's geschiedenis van de radio en televisie in Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk

 





  Bespreking van:
  • Thomas Riegler (2009), Meilensteine des Rundfunks. Daten und Fakten zur Entwicklung des Radios und Fernsehens. Band 2. Baden Baden: Siebel Verlag (geïllustreerd met foto's; 184 pagina's; ISBN 978-3-88180-682-4)
door Hans Knot
Previous
  Onlangs voltooide Thomas Riegler het tweede deel van zijn geschiedenis van de radio en televisie in Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk. Hans Knot las het boek geboeid door en doet daarvan hier verslag.
 
1

Na drie jaar wachten. Op mijn bureau ligt alweer een boek van de hand van de Duitse veelschrijver Thomas Riegler. En, als zijn uitgeverij een boek in mijn brievenbus laat rollen, dan kan ik me, ondanks andere verplichtingen, vaak niet beheersen al mijn andere bezigheden aan de kant te schuiven om eerst een uitgebreide blik te werpen in zijn nieuwste brouwsel. Toen ik dit keer de titel van het boek las, was mijn aandacht direct getrokken. Want het blijkt het tweede deel te zijn uit een serie waarin Riegler gesegmenteerd de geschiedenis van de radio en televisie in Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk beschrijft. Het eerste deel verscheen al in 2006 en smaakte zeker naar meer, omdat het boek veel vragen opriep. Niet dat het het eerste deel incompleet was. Dat zeker niet, maar de aangeleverde informatie was zo interessant en grotendeels onbekend voor me dat ik er gewoon nog veel meer over wenste te weten en te leren. Die wens wordt nu zondermeer, na drie jaar wachten, vervuld want Riegler weet andermaal vanaf het eerste hoofdstuk mijn aandacht vast te houden met de gebrachte informatie.

  In dit tweede deel passeert andermaal een grote hoeveelheid aan onderwerpen de revue. Daaronder vinden we de berichtgeving rond de allereerste Europese radioconferentie, die plaatvond in Geneve in 1926. Ook toen werd al uitgebreid gediscussieerd over de verdeling van de toen beschikbare frequenties, waarvan het aantal overigens destijds aanzienlijk beperkter was dan in bijvoorbeeld de jaren zestig van de vorige eeuw. Ook de vermogens die gebruikt mochten worden, werden op die conferentie — we hebben het dan over de middengolf — teruggebracht tot een limiet van 50 kW. In de daarop volgende tien jaren volgde nog een aantal bijeenkomsten, dat me deels bekend was. In 1938 zou er een wereldwijde conferentie volgen in Egypte, die op het laatste moment werd afgelast vanwege de precaire situatie op dat moment in de wereld. Ook interessant is het hoofdstuk over de draadomroep, ons eigen land ooit als een grap begonnen in 1924, te lezen. In de Duitstalige landen was Zwitserland wat dit betreft in 1931 de voortrekker.
2 Over oorlog en verkeer. Riegler besteedt in het tweede deel van zijn geschiedschrijving daarnaast uitgebreid aandacht aan de ontwikkeling van de radio onder het bewind van Adolf Hitler. Het gaat dan niet alleen om de ontwikkelingen binnen de Duitse deelstaten, maar ook de toen inmiddels bezette omringende landen. Uiteraard wordt de historische Grossdeutschen Rundfunks in het historische overzicht niet vergeten. Waarbij, zoals verder overal in het boek, prachtig historische foto's en afbeeldingen zijn gepubliceerd. De auteur gaat bovendien in op specifieke projecten zoals de deels in het geheim voorbereide bouw van een middengolfzender in Kronstorf, in de directe omgeving van Linz in Boven Oostenrijk, zoals het destijds heette. De locatie lag direct na de Tweede Wereldoorlog op de grens van het Russisch geallieerd bezettinggebied, terwijl Linz zelf onder de verantwoordelijkheid viel van de Amerikanen.
 

Als het gaat om de ontwikkeling van de buizenradio, mag natuurlijk ook de opkomst van de FM niet vergeten worden. En net zo min, de overgang van mono naar stereo. In zijn boek gaat Thomas Riegler uitgebreid op deze zaken in. Als je anno 2009 in de auto zit en je hoort in een actualiteitenprogramma een praatje met iemand die verkeersinfo geeft, denk je vaak dat de gebrachte informatie eigenlijk al weer verleden tijd kan zijn vanwege de mogelijkheid dat een, zeg maar twee kilometer lange, file al binnen een paar minuten kan zijn opgelost. Maar toen we, rond 1972, voor het eerst kennis maakten met verkeersinformatie waren we ons hiervan nog niet bewust. De ontwikkeling van de ARI ofwel Autofahrer Rundfunk Information, wordt uitgebreid door Riegler uitgelegd. Hij stapt daarna vrij snel, misschien wel te snel, over op de ontwikkeling van satellietontvangers, maar keert dan terug naar een zeer interessant onderwerp en wel de geheimen van de ontvangstschalen op de verschillende soorten radio-ontvangers. Daaraan gekoppeld is er een hoofdstuk dat beschrijft hoe je dient om te gaan met antieke ontvangers en het gebruik van moderne wisselstroom. Zijn verhaal bood overigens geen oplossing voor een vraag waar ik al langer mee zit. Het is me namelijk nooit goed gelukt een vanuit Amerika aangeschafte ontvanger te activeren. De Westinghouse Escort kan alleen via een soort van stekker op de achterwand worden gevoed en helaas zijn het geen stekkers die in een gemiddeld Europees stopcontact passen. Dat probleem zal ik dus zelf moeten oplossen.

3 Na radio de televisie. Dat is nog niet alles wat Riegler in zijn boek te bieden heeft. Na de verschillende radiogerelateerde onderwerpen komt namelijk ook de geschiedenis van de televisie aan bod, beginnende met de ontwikkelingen voor de Tweede Wereldoorlog. Dit keer gaat Riegler niet alleen in op wat er in Duitsland zoal in het primaire stadium gebeurde, maar natuurlijk ook op het werk van de Amerikaan Jenkins en de alom bekende Baird uit Groot Brittannië. Het gaat daarbij niet alleen om de vorm van omzetting en transmissie, maar ook om de ontwikkeling van de camera. Zonder dat instrument was de televisie er immers nooit gekomen. Natuurlijk kan er niet om het tijdperk van de televisie tijdens het Deutsche Reich heen worden gegaan. Interessanter wordt het als ook de vooroorlogse experimenten uit Italië aan bod komen, een onderwerp dat ikzelf niet eerder specifiek beschreven heb gezien. Gelijk aan de gang van mono naar stereo wordt er ook in het boek aandacht besteed aan de ontwikkeling naar kleurentelevisie.
  De kriebels om weer eens uitgebreid naar oude televisieprogramma's te kijken bekropen me bij een wel heel specifiek hoofdstuk over de televisie in Duitsland in de jaren vijftig. Ik woonde medio jaren vijftig in Groningen en we hadden thuis vrij vroeg een televisietoestel in ons bezit. We hadden daarbij we het geluk, dat als de antenne een beetje werd bijgestuurd het signaal van een steunzender in Aurich kon worden ontvangen. Al lezend, kwamen tal van vroege herinneringen aan de Duitse televisie weer bij me op. Als Riegler overweegt om nog een derde deel te produceren, zou dat daaom wat mij betreft moeten gaan over de programma's die op de radio in de eerste vijf en op de televisie in de eerste twee decennia van hun ontwikkeling werden uitgezonden. Tot die tijd raad ik iedereen die belang stelt in de historische ontwikkeling van radio en televisie dit boek aan. Het kost 23,90 euro en kan on-line bij de uitgever worden besteld.
   
Previous
  2009 © Soundscapes